Twintig staten aan AMA: waarom geldt zwak bewijs wel voor chirurgie, maar niet voor puberteitsremmers?
Twintig Amerikaanse procureurs-generaal wijzen de AMA op een inconsistentie: plastisch chirurgen erkennen dat het bewijs voor genderchirurgie bij minderjarigen te zwak is, maar de AMA blijft puberteitsremmers en hormonen steunen op een even zwakke bewijsbasis.
Twintig Amerikaanse procureurs-generaal hebben de American Medical Association (AMA) in een brief gewezen op wat zij een dubbele bewijsstandaard noemen. Aanleiding is het positiestatement dat de American Society of Plastic Surgeons (ASPS) — de grootste beroepsvereniging van plastisch chirurgen in de Verenigde Staten — begin februari 2026 publiceerde: chirurgische ingrepen aan borst, geslachtsdelen en gezicht bij minderjarigen met genderdysforie kunnen volgens de ASPS het best wachten tot iemand minstens negentien is, omdat het bewijs voor een gunstige balans tussen baten en risico's ontbreekt. De staten willen weten waarom diezelfde maatstaf niet geldt voor puberteitsremmers en cross-sekse hormonen, waarvan de AMA het gebruik bij minderjarigen wél blijft steunen.
Wat de plastisch chirurgen zeiden
In het positiestatement van 3 februari 2026 concludeert de ASPS dat er onvoldoende bewijs is dat chest-, genitale en gezichtschirurgie bij minderjarigen met genderdysforie een gunstige risico-batenverhouding oplevert. De vereniging beroept zich daarbij expliciet op de Britse Cass Review en op een Amerikaans evaluatierapport uit 2025. Het is geen nieuwe klinische richtlijn — de ASPS deed geen eigen systematische evidence-review — maar wel een breuk met de eerdere, affirmatievere koers van de vereniging.
De vraag van twintig staten aan de AMA
Volgens berichtgeving van Fox News (23 februari 2026) stuurden procureurs-generaal van onder meer Texas, Ohio, Tennessee en Missouri een gezamenlijke brief aan de AMA. Zij prijzen de AMA voor het onderschrijven van het ASPS-standpunt dat chirurgie beter kan wachten tot volwassenheid, maar constateren dat de AMA tegelijk puberteitsremmers en hormonen bij minderjarigen blijft steunen — behandelingen waarvoor de onderliggende evidence-base, zo stellen de staten, even zwak is als bij chirurgie. Daarmee leggen zij de vinger op een inconsistentie die critici van de affirmatieve zorglijn al langer signaleren: één deel van hetzelfde behandeltraject wordt aan strengere bewijseisen onderworpen dan het andere, zonder dat daar een medische reden voor is.
Waarom leeftijd niet de kern van het probleem is
De ASPS trekt de grens bij negentien jaar, maar dat cijfer lost het onderliggende probleem niet op. Als het bewijs voor puberteitsremmers en hormonen inderdaad net zo zwak is als voor chirurgie — zoals ook de Cass Review, het Zweedse SBU-rapport en de internationale literatuur over puberteitsremmers laten zien — dan is een leeftijdsgrens die alleen voor het laatste, meest onomkeerbare onderdeel van het traject geldt een halve maatregel. Onze analyse van het Gezondheidsraad-advies laat een vergelijkbaar patroon zien: een zorgvuldige procedure zegt niets over de kwaliteit van het onderliggende bewijs. Ook de Nederlandse intensivist Armand Girbes wees hier al op toen hij stelde dat ideologie zwaarder weegt dan bewijs in de besluitvorming rond transgenderzorg voor jongeren — een kritiek die evengoed op de Amerikaanse als op de Nederlandse situatie van toepassing is.
Wat dit voor het Nederlandse beleid betekent
Nederland heeft geen eigen, onafhankelijke evidence-review van puberteitsremmers en hormonen bij minderjarigen gepubliceerd die vergelijkbaar is met de Cass Review. Het Dutch Protocol geldt hier nog altijd als uitgangspunt, terwijl de wetenschappelijke onderbouwing ervan internationaal steeds vaker ter discussie staat. De Amerikaanse episode laat zien dat zelfs binnen medische beroepsgroepen die het affirmatieve model lang hebben gesteund, de bewijsvraag niet langer te vermijden is zodra één onderdeel van de behandeling — chirurgie — expliciet tegen het licht wordt gehouden. Voor Nederlandse beleidsmakers is de les dat een gefaseerde, "voorzichtige" aanpak zonder consistente bewijseisen per behandelstap geen oplossing is, maar het probleem alleen verplaatst. Zolang puberteitsremmers en hormonen buiten de discussie blijven terwijl alleen chirurgie ter discussie staat, blijft de kernvraag — is de bewijsbasis voor dit hele traject sterk genoeg om minderjarigen onomkeerbare stappen te laten zetten — onbeantwoord, ook in Nederland.
Bronnen
American Society of Plastic Surgeons, Position Statement on Gender Surgery in Children and Adolescents, 3 februari 2026. plasticsurgery.org
Fox News, "20 states accuse leading medical organization of selective science on youth gender transitions", 23 februari 2026. foxnews.com

Saskia Weijermars
Redactie
Veelgestelde vragen
Wat is de kern van de kritiek van de twintig staten op de AMA?
De staten wijzen erop dat de AMA instemt met het standpunt van de plastisch chirurgen dat chirurgie bij minderjarigen wegens zwak bewijs beter kan wachten tot volwassenheid, maar dat de AMA puberteitsremmers en hormonen bij minderjarigen wél blijft steunen, terwijl het bewijs daarvoor volgens de staten even zwak is.
Wat hield het ASPS-positiestatement van februari 2026 in?
De American Society of Plastic Surgeons concludeerde dat er onvoldoende bewijs is voor een gunstige risico-batenverhouding van borst-, genitale en gezichtschirurgie bij minderjarigen met genderdysforie, en adviseerde deze ingrepen uit te stellen tot minstens negentien jaar.
Is deze Amerikaanse discussie relevant voor het Nederlandse beleid?
Ja: Nederland heeft geen eigen, onafhankelijke evidence-review van puberteitsremmers en hormonen bij minderjarigen zoals de Britse Cass Review, terwijl het Dutch Protocol hier nog als uitgangspunt geldt. De Amerikaanse episode laat zien dat de bewijsvraag zich niet tot chirurgie laat beperken.